KLM 1947 PH-TCR flyulykke Kastrup/nl

Skift til: navigering, søgning

Vliegtuigramp bij Kopenhagen
[redigér]

K.L.M.-Dakota stortte neer bij den start
[redigér]

Alle 22 inzittenden o.w. bestuurder Geyssendorffer, gedood
[redigér]

Prins Gustaaf Adolf en Grace Moore onder de slachtoffers

Zondagmiddag omstreeks half vier is op het vliegveld Kastrup nabij Kopenhagen een ernstig vliegtuigongeluk gebeurd toen een Dakota der KLM, de PH-TCR vrijwel onmiddellijk na den start neerstortte. De 16 passagiers en de uit zes leden bestaande bemanning lieten het leven.

Het vliegtuig, een lijntoestel van den KLM-dienst Amsterdam-Stockholm, had de reis Amsterdam-Kopenhagen normaal volbracht en landde daar te omstreeks 3 uur.

Nadat drie passagiers waren uitgestegen gestegen startte het met 16 passagiers normaal onder goede weersomstandigheden. Onmiddellijk na den start steeg het vliegtuig, naar de Persdienst van de K.L.M. bericht, op zeer ongebruikelijke wijze steil omhoog, waardoor het onbestuurbaar werd, naar beneden stortte, en op het vliegterrein totaal vernield werd. Dit verloop zou kunnen wijzen op een abnormalen toestand van het vliegtuig.

De namen van de 16 passagiers luiden:

Pengel, directeur van de N.V. Dekker’s Houthandel te Zaandam, Prins Gustaaf Adolf van Zweden, zijn adjudant Graaf Steenbock, de Amerikaansche zangeres Grace Moore, die vergezeld was door Louis Peltier en den heer Malbeck, de Deensche zangeres Gerda Neumann, P. Engel, directeur van de N.V. Dekker’s Houthandel te Zaandam, de Deen Jens Dennow, de Deen Hans Thomsen, mevr. Fehrman, eveneens een Deensche. Verder de Denen Brix Granth en Mackeprang, de Spanjaard Izgrierdo, de Fransche jongen Sorbon, de Zweed Tuhagen.

Voor den start op Kastrup is de machine nagekeken en alles was in orde bevonden. Er zijn nog geen resultaten bekend van het officiële onderzoek.

Ooggetuigenverslag

Een ooggetuige vertelde, dat toen het toestel de lucht inging het normaal steeg met een hoek van 60 graden. Op een gegeven moment zag deze ooggetuige, dat de piloot zijn toestel recht trok, maar op een hoogte van 100 meter maakte het een draaiende beweging, raakte den grond met den linkervleugel en maakte een slag om. Op hetzelfde moment werd een hevige ontploffing gehoord en stond de machine in lichterlaaie. Alle leden van de bemanning en ook de passagiers moeten onmiddellijk zijn gedood in verband met het feit, dat de personen die dadelijk naar de plek des onheils waren gegaan om hulp te verleenen, de inzittenden op hun plaatsen vonden. De brandweer van het vliegveld rukte onmiddellijk uit en ook de brandweer en een reddingsbrigade uit Kopenhagen bereikten het vliegveld een tiental minuten later. Niets kon er meer gedaan worden dan het hevige vuur te blusschen.

De bemanning

Naar wij nader vernemen bestond de bemanning van het verongelukte K.L.M.-vliegtuig uit de volgende personen: 1e pilot G.J. Geyssendorffer, 2e pilot G.J. Rietman, 1e telegrafist S.M.A.Pijnenburg, 2e telegrafist W. Brandenburg, mecano W.A. Bommel, steward H. Hoek.

De heer G.J. Geyssendorffer werd 1 April 1892 te Sliedrecht geboren. Hij kvam in 1919 bij de luchtvaartafdeeling te Soesterberg op 4 September van dat jaar werd hij gebrevetteerd. Hij was de eerste Nederlander, die een brevet als verkeersvlieger behaalde. Als sergeant-vlieger trad hij op 1 Maars 1921 tezamen met den heer Hofstra in dienst der K.L.M. Beiden waren de eerste Nederlandsche vliegers in dienst der maatschap. In 1927 volbracht hij met de Fokker F-7a H-NADP gehuurd door den Amerikaan den heer van Lear Black de eerste retourvlucht Amsterdam-Batavia. Met den heer J.B. Scholte als tweede bestuurder en den Weber als werktuigkundige vloog Geyssendorffer met Lear Black rond een groot deel van de wereld. Van 1 Jan. 1929 tot begin l931 waren zie in dienst van den Amerikaanschen millionnair. Na diens dood trad Geyssendorffer opnieuw in dienst van de KLM. In 1933 maakte hij met den Panderjager een bijzondere postvlucht naar Ned.-Indië en tijdens de Melbourne race was hij gezagvoerder van den Panderjager.

Hij had meer dan 25.000 uren gevlogen en meer dan 50 Indië-vluchten op zijn naam staan. De heer Geyssendorffer was gehuwd met een Deensche. Zijn familie woont in Denemarken waar hij zeer populair was. Hij had 2 kinderen.

De 2e piloot Gerrit Jan Rietman werd op 27 April 1918 geboren en volgde de rijksopleiding voor vliegtuigbestuurder. Op 1 November 1940 kwam hij in dienst der KLM en stond bekend als een bekwaam bestuurder. De heer Rietman was ongehuwd.

De 1e telegrafist Simon Martinus Antonius Pijnenburg werd op 18 April 1915 geboren en kwam op 1 Februari 1946 in dienst der KLM. De heer Pijnenburg burg die een uitstekend vakman was ongehuwd.

De 2e telegrafist Willem Brandenburg werd op 28 Augustus 1920 geboren. Hij had de opleiding voor radiotelegrafist gevolgd en was stuurman 3e rang. Hij trad op 15 Januari 1946 bij de KLM in dienst. Hij was ongehuwd.

De werktuigkundige Willem Antonie Bommel werd op 28 Juli 1924 geboren. Hij had diploma ambachtsschool en luchtvaart technische school, waarna hij de opleiding aan het KLM-internaat te Soesterberg volgde. Op 31 December 1945 trad hij in dienst van de KLM. Ook de heer Bommel was ongehuwd.

De steward Hugo Hoek werd op 27 December 1917 geboren. Hi trad op 1 November 1946 in dienst der KLM. De heer Hoek was gehuwd en had drie kinderen.

De passagiers

Omtrent het vertrek van prins Gustaaf Adolf van Zweden van het vliegveld Schiphol verneemt het ANP nog dat de Zweedsche prins tegenover een vriend verklaarde dat hij met veel genoemen enkele dagen op het paleis in Soestdijk had doorgebracht. De prins had bij zijn bagage speelgoed voor zijn kinderen, dat hij in Nederland had gekocht. Prins Bernhard en hij voerden een levendig gesprek tot op het moment, dat het vliegtuig taxierde naar de palais waar om zou staarten. Bij het afscheid gaven zij elkaar een stevigen handdruk.

Het Nederlandsche slachtoffer onder de passagiers, de heer P. Engel, werd …

Noter[redigér]

Artikel i Leeuwarder Courant: 27. januar 1947